Stop de middelmatigheid, maak van 2026 het jaar van de trotse ambtenaar
De betrokkenheid van ambtenaren is zorgwekkend laag. Dat komt niet alleen door de toenemende agressie vanuit de bevolking, maar ook door perverse prikkels die de middelmatigheid bevorderen. Als we ambtenaren weer trots willen maken, moet de gedoogcultuur hoognodig op de schop.

Als het aan mij ligt wordt 2026 het jaar van de ambtenaar. Want een op de drie van deze professionals die zich tegen een bescheiden salaris een slag in de rondte werken voor het algemeen belang wordt geconfronteerd met steeds heftiger vormen van agressie en intimidatie – bij politieke ambtsdragers bijna de helft. Ook degenen die bij de jaarwisseling niet met zware vuurpijlen, cobra’s en molotovcocktails werden bestookt. Als dit zo doorgaat houden we geen ambtenaar meer over.
Wat we nodig hebben is een Deltaplan tegen de agressie, zodat ambtenaren zich weer veilig kunnen voelen. Maar volgens onderzoek van Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is er nog iets anders dat de werklust van ambtenaren vergalt: gebrek aan resultaatgerichtheid. En dit laaghangende fruit kan vandaag al worden geplukt.
Volgens het Werkonderzoek 2024 van BZK onder ruim 36.000 ambtenaren voelt slechts 52% zich betrokken bij hun organisatie. De belangrijkste oorzaken zijn 1) de aandacht voor het persoonlijk welzijn en 2)de resultaatgerichtheid. Persoonlijke aandacht genoeg, 71% is hier (zeer) tevreden over. Maar voor resultaatgerichtheid krijgt de overheid een dikke onvoldoende. Kijk maar naar deze uitkomsten:
Slechts 18% geeft aan dat de individuele prestaties structureel worden gemonitord. Volgens iets meer dan de helft (51%) wordt onderpresteren gedoogd. En volgens 38% worden bovengemiddelde prestaties niet beloond.
Begrijpelijk. Als je ziet dat collega’s ongestraft onderpresteren en dat jouw extra inzet niet wordt gewaardeerd, gaat je motivatie door het afvoerputje. Dit zijn perverse prikkels die middelmatigheid bevorderen, innovatie afremmen en maatwerk belemmeren.
De conclusies van de onderzoekers laten aan duidelijkheid niets te wensen over:
Wie toekomstbestendig wil zijn, moet onderscheid durven maken: goed presteren moet gezien en beloond worden, onderpresteren moet gevolgen hebben.
Ergo, om het engagement van de medewerkers te kunnen verhogen, moet de overheid de persoonlijke aandacht bewaken -hierbij heeft ze een streepje voor op het bedrijfsleven- maar de resultaatgerichtheid verhogen. Meer concreet betekent dit LEIDERSCHAPSONTWIKKELING, MODERNISERING VAN HET BELONINGS- EN WAARDERINGSMODEL, VERMINDERING VAN DE INTERNE BUREAUCRATIE en het FORMULEREN VAN HELDERE MAATSCHAPPELIJKE KPI’S.
Het nieuwe Kabinet wil de groei van de overheid een halt toeroepen. Meer resultaatgerichtheid en outputsturing maken dit mogelijk. Een beter goed voornemen voor 2026 is er niet.
Henk Noort
